Mijn dochter was zeven toen er op school werd gedeelt dat ze beweeglijk was . “Ze doet het goed,” zei de juf. “Maar ze beweegt erg veel. Ze wiebelt op haar stoel. Ze staat op tijdens de les. Ze kan niet stilzitten.”

En ik dacht: goed zo.

Maar ik zei: “Ik zal er met haar over praten.”

WAT WE KINDEREN LEREN

Vanaf het moment dat een kind naar school gaat, leren we ze stilzitten. Niet bewegen. Braaf zijn. Luisteren.

En we noemen dat: leren.

Maar wat we echt leren is: je lijf is een probleem. Je natuurlijke beweging is fout. Stilzitten is goed. Functioneren is het doel.

En voor sommige kinderen werkt dat. Die kunnen uren stilzitten. Die voelen geen drang om te bewegen. Die passen in het systeem.

Maar hooggevoelige kinderen? Die kunnen dat niet. Die voelen te veel. En al die gevoelens moeten ergens naartoe.

Naar het lijf.

WAT ER GEBEURT ALS JE BEWEGEN NODIG HEBT EN DAAR GEEN RUIMTE IN NEEMT

Spanning blijft hangen. In je schouders. In je nek. In je kaak. In je buik.

Emotie wordt opgesloten. In je borst. In je keel. In je handen die ballen maken.

Energie heeft geen uitweg. En dus wordt je rusteloos. Onrustig. Druk.

En dan zegt de wereld: zie je wel. Je moet leren kalmeren. Stilzitten. Functioneren.

Maar het probleem is niet dat het kind te veel beweegt. Het probleem is dat het kind te weinig mag bewegen.

MIJN EIGEN VERHAAL

Ik was ook zo’n kind. Wiebelend. Bewegend. Altijd met mijn handen bezig. Dag dromer.

En ik leerde mezelf stilzitten. Handen op tafel. Rechtop. Niet bewegen.

En het werkte. Ik werd een brave leerling. Een goede student. Een functionerende volwassene.

Tot mijn lijf stopte met meewerken.

Spanning die chronisch werd. Pijn die niet meer wegging. Uitputting die geen einde had.

Want wat ik niet begreep, was: mijn lijf had al die jaren geprobeerd te vertellen wat ik voelde. Door te bewegen. Door te wiebelen. Door te friemelen.

Maar ik had het stilgezet.

En nu rekende het af.

WAT PAARDEN ME LEERDEN

Paarden bewegen. Altijd. Ze staan nooit stil, niet echt. Ze verschuiven hun gewicht. Ze bewegen hun staart. Ze schudden hun hoofd. Ze stampen met hun hoeven.

En dat is geen onrust. Dat is regulatie.

Een paard dat gespannen is, beweegt. En door te bewegen, laat het de spanning los.

Een paard dat bang is, beweegt. En door te bewegen, verwerkt het de angst.

Een paard dat blij is, beweegt. En door te bewegen, uit het de blijdschap.

Beweging is niet het probleem. Beweging is de oplossing.

HET MOMENT MET MIJN DOCHTER

Na dat telefoontje van school ging ik met haar praten. Niet om te zeggen dat ze moest stoppen met bewegen. Maar om te vragen waarom.

“Waarom beweeg je zo veel in de klas?”

Ze keek me aan alsof het de raarste vraag was die ze ooit had gehoord. “Omdat ik anders niet kan denken, mama.”

En daar was het.

Haar lijf wist wat haar hoofd nog niet kon verwoorden: beweging helpt me voelen. Beweging helpt me denken. Beweging helpt me zijn.

En wij, als volwassenen, als school, als systeem, proberen dat weg te halen.

WAT IK DEED

Ik ging terug naar school. En ik zei: “Ze mag bewegen. Het is niet ongehoorzaam. Het is niet onrustig. Het is hoe haar systeem werkt.”

De juf keek me aan alsof ik gek was.

Maar toen stelde ik voor: “Geef haar een wiebelkussen. Of laat haar achteraan staan in plaats van zitten. Of geef haar iets om mee te friemelen.”

En ze deed het. En raad eens? Mijn dochter ging beter functioneren. Niet omdat ze stilzat. Maar omdat ze mocht bewegen.

WAT HOOGGEVOELIGE KINDEREN NODIG HEBBEN

Niet minder beweging. Meer beweging. Maar dan op hun manier.

Niet rennen om te rennen. Maar bewegen om te voelen.
Niet sporten om te presteren. Maar bewegen om te reguleren.
Niet bewegen omdat het moet. Maar bewegen omdat het helpt.

Bij de stichting zie ik het elke week. Kinderen komen binnen. Gespannen. Stijf. Opgesloten in hun lijf.

En dan gaan ze met de paarden werken. Lopen. Borstelen. Zadelen. Gewoon… bewegen.

En langzaam, week na week, verandert hun lijf. Het ontspant. Het opent. Het wordt weer van hen.

DE VIJFDE BEWEGING

In het boek noem ik dit de vijfde beweging: fysieke beweging. Het komt na adem, emotie, gevoeligheid en verbinding.

Want als je ademt, voel je. Als je voelt, neem je waar. Als je waarneemt, verbind je. En als je verbindt, moet je bewegen.

Emotie wil bewegen. Spanning wil bewegen. Energie wil bewegen.

En als we dat tegenhouden, houden we het leven tegen.

VOOR DE MOEDERS

Als je een dochter hebt die niet stil kan zitten. Die wiebelt. Die beweegt. Die “druk” is.

Probeer dit: vraag haar niet om te stoppen. Vraag haar waarom.

Waarom beweeg je? Wat voel je? Wat helpt het?

En dan: geef haar ruimte om te bewegen op haar manier.

Niet op de manier van sport (competitie, presteren, winnen).
Niet op de manier van school (stilzitten, functioneren, gehoorzamen).

Maar op haar manier. Bewegen om te voelen. Om te zijn. Om thuis te komen in haar lijf.

VOOR DE DOCHTERS

Als je niet kunt stilzitten. Als je altijd wilt bewegen. Als je “druk” wordt genoemd.

Weet dit: er is niets mis met jou.

Je lijf is niet een probleem dat opgelost moet worden. Je lijf is een systeem dat probeert te helpen.

Door te bewegen, reguleer je wat je voelt. Door te bewegen, verwerk je wat je meemaakt. Door te bewegen, blijf je bij jezelf.

Dat is geen gebrek. Dat is wijsheid.

WAT IK NU DOE

Elke ochtend beweeg ik. Niet omdat ik moet sporten. Niet omdat ik wil afvallen. Maar omdat mijn lijf het nodig heeft.

Ik ruim op. Ik trek aan een kruiwagen. Ik schud de poep eruit. Ik dans soms, als niemand kijkt.

En elke keer voel ik hoe de spanning loslaat. Hoe de emotie stroomt. Hoe ik weer bij mezelf kom.

Dit had ik 30 jaar geleden moeten leren. Toen ik zeven was en wiebelend op mijn stoel zat.

Maar ik leer het nu. En ik geef het door aan mijn dochter.

Zodat zij niet 30 jaar hoeft te wachten.

WAT ER IN HET BOEK STAAT

Over vier weken komt “55 hart slagen”. De vijfde beweging is fysieke beweging.

Met oefeningen. Met uitleg. Met herkenning.

Voor moeders die hun dochters willen leren dat bewegen mag.
Voor dochters die eindelijk mogen bewegen zoals hun lijf het vraagt.
Voor iedereen die moe is van stilzitten en klaar is om te leven.

VOOR JOU

Volgende week deel ik over ruimte. Over de te kleine pot waar we hooggevoelige kinderen in stoppen. En hoe we die pot kunnen vergroten.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief. En over vier weken is het boek er.

P.S.

Mijn dochter zit nu op een school waar bewegen mag. Waar kinderen mogen staan tijdens het werken. Waar wiebelen normaal is.

En ze floreert.

Niet omdat ze veranderd is. Maar omdat de pot groot genoeg is geworden.

 

PRE-ORDER het boek alvast en kom naar de OPENDAG op 21 JUNI begint om 13.00 uur in Vriescheloo.