Het was een dinsdag. Ik weet dat nog omdat ik altijd op dinsdag naar de manege ging. Mijn wekelijkse moment van vrijheid, van ademhalen, van zijn.

Tot die dag.

Die dag werd het mijn wekelijkse moment van: wat als ik niet goed genoeg ben?

HET ONGELUK

Ik stond in de rijbak. Het paard dat ik altijd reed was ziek, dus kreeg ik een ander. Een jonge merrie, nog in training, “maar dat komt wel goed,” zei de instructeur.

Het kwam niet goed.

Ik zat nog geen vijf minuten in het zadel toen ze schrok. Van wat, dat weet ik niet. Misschien een vogel. Misschien een schaduw. Misschien voelde ze mijn spanning.

Want ik was gespannen. Ik voelde dat het niet klopte. Ik voelde dat zij niet rustig was. Ik voelde dat ik niet veilig was.

Maar ik zei niets.

Want dat had ik geleerd: niet zeuren. Niet zo gevoelig zijn. Gewoon doorgaan.

En toen sprong ze. En ik viel. En alles werd zwart.

WAT ER DAARNA KWAM

Ik brak niets. Geen botten, geen schedel, geen rug. Lichamelijk viel het mee, zeiden ze.

Maar iets anders brak wel.

Mijn vertrouwen. In paarden? Nee. In mezelf.

Want ik had het gevoeld. Ik had geweten dat het niet klopte. Mijn lijf had het geweten. Mijn intuïtie had geschreeuwd: dit is niet veilig.

Maar ik had niet geluisterd.

Ik had gedacht: ik ben gewoon te gevoelig. Ik stel me aan. Iedereen doet dit, dus moet ik het ook kunnen.

En die gedachte, dat niet luisteren naar mezelf, had me bijna mijn leven gekost.

DE JAREN DIE VOLGDEN

Ik ging niet meer naar de manege. Niet uit angst voor paarden. Maar uit angst voor mezelf. Voor mijn gevoeligheid. Voor dat stemmetje dat zegt: dit klopt niet.

Want als ik naar dat stemmetje luister, dan ben ik moeilijk. Dan ben ik veeleisend. Dan ben ik te veel.

Dus stopte ik met luisteren.

Ik functioneerde. Ik deed wat er van me verwacht werd. Ik paste me aan. Ik werd, in de ogen van de wereld, makkelijk.

Maar vanbinnen? Chaos.

Want dat stemmetje ging niet weg. Het bleef fluisteren. Bij elke situatie die niet klopte. Bij elke relatie die niet paste. Bij elke keuze die niet van mij was.

Dit klopt niet.
Dit klopt niet.
Dit klopt niet.

En ik bleef niet luisteren.

TOT MIJN DOCHTER KWAM

Ze was acht. En ze zei: “Mama, ik wil met paarden werken.”

En mijn eerste gedachte was: nee. Absoluut niet. Te gevaarlijk. Te eng. Nee.

Maar toen keek ik naar haar. Naar dat kleine meisje dat al op school te horen kreeg dat ze te gevoelig was. Te stil. Te veel in haar hoofd. Te weinig meedoen.

En ik zag mezelf.

En ik dacht: als ik nu nee zeg, leer ik haar hetzelfde wat ik leerde. Luister niet naar je gevoel. Vertrouw jezelf niet. Pas je aan.

En hier stopt het.

Dus zei ik ja.

WAT ER GEBEURDE

We begonnen voorzichtig. Niet rijden. Niet presteren. Gewoon… zijn bij de paarden.

En ik zag iets wat ik niet verwachtte.

Mijn dochter was niet bang. Ze was alert. Ze voelde precies welk paard rustig was en welke niet. Ze wist wanneer ze dichterbij kon komen en wanneer ze afstand moest houden.

Ze luisterde naar haar gevoel.

En de paarden? Die vertrouwden haar.

Niet omdat ze ervaren was. Niet omdat ze sterk was. Maar omdat ze gevoelig was.

Omdat ze voelde wat er speelde. Omdat ze respecteerde wat ze voelde. Omdat ze handelde naar wat klopte.

HET MOMENT DAT IK HET BEGREEP

Ik stond aan de kant van de bak. Ik keek naar mijn dochter die met een groot, onrustig paard werkte. En ik voelde die oude angst opkomen.

Dit gaat mis. Dit is niet veilig. Zeg dat ze moet stoppen.

Maar toen zag ik het.

Het paard werd rustig. Het paard ontspande. Het paard… vertrouwde haar.

En de begeleider, die naast me stond, zei iets wat alles veranderde: “Zie je dat? Dat is de kracht van gevoeligheid. Ze voelt wat het paard nodig heeft. En het paard voelt dat zij het voelt.”

En ik begreep het.

Mijn gevoeligheid was geen zwakte. Het was geen gebrek. Het was geen iets-wat-weg-moest.

Het was mijn kracht.

Die dag, 20 jaar geleden, op die dinsdag, toen ik viel? Ik viel niet omdat ik te gevoelig was. Ik viel omdat ik niet gevoelig genoeg durfde te zijn.

Omdat ik niet naar mezelf luisterde.

WAT GEVOELIGHEID WERKELIJK IS

Hier is wat niemand me ooit vertelde: gevoeligheid is informatie. Het is data. Het is een systeem dat je vertelt wat er speelt.

Bij jezelf. Bij de ander. In de ruimte. In de situatie.

Hooggevoelige mensen voelen meer. Niet omdat er iets mis is. Maar omdat hun systeem meer waarneemt. Meer nuances. Meer lagen. Meer waarheid.

En in een wereld die luid is, oppervlakkig, snel, is dat overweldigend.

Maar bij paarden? In de natuur? In stilte?

Daar is het een superkracht.

WAT IK NU WEET

Ik werk nu 15 jaar met hooggevoelige kinderen en paarden. En elke keer zie ik hetzelfde.

Een kind komt binnen. Onzeker. Teruggetrokken. “Te gevoelig,” zeggen de ouders. “Past niet,” zegt de school.

En dan komt het kind bij de paarden.

En de paarden zien geen “te veel.” Ze zien geen “te gevoelig.” Ze zien: hier is iemand die me voelt. Hier is iemand die me begrijpt. Hier kan ik zijn.

En het kind voelt dat.

En langzaam, week na week, gebeurt er iets. Het kind komt rechtop te staan. Het kind gaat langzamer ademen. Het kind begint te vertrouwen.

Niet het paard. Zichzelf.

DE VRAAG DIE IK JE STEL

Wanneer heb jij voor het laatst geluisterd naar je gevoeligheid? Naar dat stemmetje dat zegt: dit klopt niet. Of: dit klopt wel.

En wanneer heb je het voor het laatst genegeerd?

Wat kostte het je?

VOOR DE MOEDERS

Als je een dochter hebt die “te gevoelig” is. Die niet past. Die te veel voelt.

Dan wil ik dat je dit weet: ze is niet te veel. De wereld is te weinig.

Te weinig ruimte voor voelen. Te weinig tijd voor zijn. Te weinig stilte om waar te nemen.

En jouw taak is niet om haar aan te passen aan die wereld. Jouw taak is om haar te leren vertrouwen op wat ze voelt.

Want die gevoeligheid? Dat is haar kompas. Haar wijsheid. Haar kracht.

VOOR DE DOCHTERS

Als je altijd hebt gehoord dat je te gevoelig bent. Dat je je moet aanpassen. Dat je minder moet voelen.

Dan wil ik dat je dit weet: er is niets mis met jou.

Je voelt niet te veel. Je voelt precies genoeg. Precies wat er is.

En de wereld heeft jou nodig. Jouw voelen. Jouw waarnemen. Jouw waarheid.

WAT ER IN HET BOEK STAAT

Over zes weken komt “Thuiskomen in Jezelf”. Gevoeligheid is de derde beweging. Na adem en emotie komt gevoeligheid.

Want als je ademt, voel je. En als je voelt, neem je waar. En als je waarneemt, kun je handelen vanuit wat klopt.

Het boek gaat niet over minder gevoelig worden. Het gaat over meer jezelf worden.

Voor moeders die hun dochters willen helpen hun gevoeligheid te omarmen.
Voor dochters die klaar zijn om hun gevoeligheid als kracht te zien.
Voor iedereen die moe is van aanpassen en klaar is om thuis te komen.

VOOR JOU

Volgende week deel ik wat paarden me leerden over verbinding. Over hoe je verbonden kunt zijn zonder jezelf te verliezen.

Want dat is het grote probleem van hooggevoeligheid, toch? Je voelt de ander zo sterk dat je jezelf kwijtraakt.

En daar is een oplossing voor.

Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief. Daar deel ik meer. En over zes weken is het boek er.

P.S.

Die dinsdag, dat ongeluk, die val? Dat was niet het einde. Het was het begin.

Van luisteren. Van vertrouwen. Van thuiskomen in mezelf.

En nu help ik anderen hetzelfde te doen.

 

Meld je aan voor onze NIEUWSBRIEF of PRE-ORDER het boek 55 hartslagen en kom je naar onze OPENDAG op 21 JUNI om 13.00 uur